COLUMN

OPWINDEND Werk is niet smart maar lekker vaag

Column door: Jorrit Stevens

Onlangs las ik een opmerkelijk bericht, getiteld: ‘Een vaagmaak-bril voor als je van God niet naar vrouwen mag kijken’ over een uitvinding voor ultra-orthodoxe Joden:

 

‘In orthodoxe wijken in Israël lopen vrouwen aan de andere kant van de straat, zitten achterin de bus en kleden zich uitermate decent. Maar het is niet genoeg, want de verleiding […] is overal. Daarom is er – voor slechts €6 – een bril te koop die maakt dat je alles, en dan vooral vrouwen, wazig ziet.’

In Nederland bezoeken we, na werktijd, en masse café’s en restaurants waar we bier, wijn en andere spiritualiën rijkelijk laten vloeien om ons te benevelen en in kennelijke – vage – toestand onvergetelijke avonden door te brengen met de knapste exemplaren van het andere geslacht. Doe Maar-zanger Henny Vrienten bezong al treffend waartoe de liefde leidt: ‘En m’n scherpe blik is ook al dagen zoek’ En voegt daar meteen aan toe: ‘T kan me niet schelen zolang ze maar met me vrijt’. Ziedaar het hele drama / geluk van de verliefde hetero-man in een notendop. Waar de uitvinder van de vaagmaak-bril vermoedt dat vaagheid kuisheid bevordert, tonen hele Nederlandse volksstammen dus, met vage verve, het tegendeel aan. Er lijkt juist een rechtevenredig verband te bestaan tussen de vage blik enerzijds en verleiding, opwinding, liefde, erotiek en passie anderzijds. Ofwel: hoe vager de eigen blik, hoe verleidelijker de ander?

 

Ook in organisaties is men op een ultra-orthodoxe kuisheidsqueeste. Deze wordt wel kort en krachtig verwoord in het bekende organisatiekundige reinheidsgebod: ‘SMART’. Ofwel: ‘Gij zult uw werk Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden verrichten.’ Waarschijnlijk is (veel) werk in organisaties juist daarom ook zo saai want liefdeloos, althans niet erg opwindend. Wat wij node missen om ons werk echt verleidelijk en zelfs opwindend te maken, is: een vleugje vaagheid.

Er is echter ook werk, buiten het reguliere werk, dat men zonder dat men er een salaris voor ontvangt, zelfs gráág en vrijwillig verricht: vrijwilligerswerk. Men spreekt ook wel van Liefdewerk oud papier – volgens Van Dale (2005): ‘Werk dat of daad die belangeloos, gratis verricht wordt’. Liefdewerk betekent: ‘Daad van naastenliefde, vorm van liefdadigheid’ en daarnaast: ‘Liefdadigheidsinstelling’. Werk in organisaties betreft over het algemeen juist geen ‘liefdewerk’, want daar geldt: ‘Het is hier geen liefdadigheidsinstelling!’

 

Kennelijk biedt vrijwilligerswerk iets aantrekkelijks dat we in onze reguliere banen veelal missen. Anders geformuleerd: Hoe brengen we een beetje liefde in onze liefdeloze organisaties? Ofwel: hoe wordt de organisatie als liefdelooswerk een beetje liefdewerk? Wellicht door het SMART-principe om te draaien: wat als we bij het samenwerken en organiseren Onspecifiek, Onmeetbaar, Onacceptabel, Onrealistisch en Niet-tijdgebonden te werk gaan? Of in (mooiere) synoniemen daarvan: lekker Vaag, Mateloos, Alle-perken-te-buiten, Fabelachtig en Eindeloos? En ziedaar: het onbegrijpelijke acroniem VMAFE blijkt een synoniem voor de liefde zélf. En wie kent zoiets menselijks als ‘liefde’ niet? Acroniemen zijn in de liefde niet nodig en ook wensen geliefden de liefde liever niet af te korten tot zoiets als SMART. Geliefden laten hun ratio liever voor wat ’ie is en gaan, heel verstandig, vrijwel uitsluitend op hun gevoel af.

 

De ultra-orthodoxe Joden hebben inderdaad gelijk als zij stellen dat de verleiding overal is. Maar anders dan zij kennelijk denken, verleidt een vage, verhullende blik juíst tot opwindend fantaseren. Niet voor niets is lingerie verleidelijk omdat het tenminste ‘iets’ aan de verbeelding overlaat waar daarentegen geldt: bloot slaat dood. Hedy d’Ancona zei het ooit zo: ‘Lijfelijke aanraking kan stukken minder intiem zijn dan een zakelijk lijkend gesprek, waarbij de mannelijke gesprekspartner communiceert met het bovenste knoopje van je bloes.’

 

Dus koop die vaagmaak-bril en zet hem op tijdens uw werk! (Verhullende) Ambtelijke taal in beleidsnota’s en auditrapporten mét een vleugje vaagheid of toeval heeft al snel enige opwinding tot gevolg. Vergaderingen zonder agenda verleiden al snel tot VMAFE. De uit dergelijke vergaderingen voortvloeiende ‘actiepunten’ worden al snel met passie uitgevoerd. En voor u het weet, ziet u al uw (voorheen saaie) werkzaamheden als pikanterietjes temidden van pure organisatieporno.

Jorrit Stevens is als denkadviseur & partner verbonden aan GrasFabriek.

 

Deze column werd op 11 augustus 2012 eerder gepubliceerd in De OrganisatieActivist

 

 

 

Reacties op De OrganisatieActivist:

 

 

  • r. voskuilen Zegt:

    pikant stuk dat je geschreven hebt, jorrit! zet weer aan het denken. binnenkort maar weer eens bijpraten onder ‘genot’ koffie oid zonder vergaderagenda? :-) groet, ron.

    12 augustus 2012 om 3:20 pm

 

Lezenderwijs kreeg ik het vage vermoeden dat wij jouw behartenswaardige en liefdevolle aansporing tot VMAFEtisch werken en organiseren vooral te danken hebben aan jouw scherpe blik, verstand en pen. Dank voor deze orthodoxe paradox!

 

Wist/weet je overigens dat Ruud Kaulingfreks en René ten Bos(ik geloof in hun boek Stra, uit 2005)ook prachtige observaties en gedachten hebben aangeboden over de ‘SMETvrees’ in organisaties, de zogeheten ‘hosofobie’, die jij nu ‘met verve’ signaleert als een SMARTelijke ‘kuisheidsqueeste’.

 

Zulke smakelijke verhalen, van jou en van hen en van anderen, over de tobberij in en van organisaties, zijn wel lekker om te lezen: alsof je mag meeluisteren naar de communicatie van de auteur met ‘het bovenste knoopje van de bloes’ van die strenge dame! Inderdaad spannend en opwindend, want stel je voor wat er gebeurt als die auteur met zijn verhaal die dame wérkelijk weet te verleiden zich zuchtend van genot te ontstroeven…

 

Ik wens je veel MAFS in het GRAS!

Hartelijke groet,

Edu.

29 augustus 2012 om 12:24 pm

 

 

 

Terug naar:

publicaties